Arbeidsmiddel afgekeurd: wat moet u nu doen?
Tijdens een keuring kan blijken dat een arbeidsmiddel niet meer veilig kan worden gebruikt. Denk aan een beschadigde voedingskabel, een defecte beveiliging, een te hoge lekstroom of een ondeugdelijke beschermingsleiding.
Een afkeuring betekent niet automatisch dat het arbeidsmiddel moet worden weggegooid. Wel moet worden voorkomen dat iemand het arbeidsmiddel blijft gebruiken. In dit artikel leggen we stap voor stap uit wat u na een afkeuring moet doen.
Waarom wordt een arbeidsmiddel afgekeurd?
Arbeidsmiddelen moeten gedurende hun gehele gebruiksduur veilig en in goede staat blijven. Onder arbeidsmiddelen vallen onder andere elektrische gereedschappen, machines, verlengsnoeren, ladders, hijsmiddelen en andere hulpmiddelen die tijdens het werk worden gebruikt.
Een periodieke keuring is bedoeld om slijtage, beschadiging, veroudering en andere veiligheidsgebreken tijdig op te sporen. De werkgever blijft verantwoordelijk voor het beschikbaar stellen en laten gebruiken van veilige arbeidsmiddelen.
Een arbeidsmiddel kan bijvoorbeeld worden afgekeurd vanwege:

- een beschadigd snoer of een defecte stekker;
- een ontbrekende of onderbroken beschermingsleiding;
- een te lage isolatieweerstand;
- een te hoge lekstroom;
- beschadigde isolatie;
- ontbrekende afschermingen of beveiligingen;
- een niet-functionerende noodstop;
- loszittende onderdelen;
- ernstige mechanische slijtage;
- een ondeugdelijke reparatie;
- een defect dat veilig gebruik onmogelijk maakt.
Niet ieder gebrek levert hetzelfde risico op. Een keurmeester moet daarom niet alleen vaststellen dát er een afwijking is, maar ook duidelijk aangeven wat er is geconstateerd en waarom het arbeidsmiddel niet meer veilig kan worden gebruikt.
Stap 1: stel het arbeidsmiddel buiten gebruik
Een afgekeurd arbeidsmiddel mag niet opnieuw worden gebruikt zolang het gebrek niet is verholpen en de veiligheid niet opnieuw is beoordeeld.
Haal een elektrisch arbeidsmiddel daarom los van de voeding en verwijder het uit de werkruimte. Bij een machine kan het nodig zijn om de hoofdschakelaar uit te schakelen en te vergrendelen. Alleen een afkeuringssticker aanbrengen is niet altijd voldoende. Een medewerker kan de sticker missen, verwijderen of het arbeidsmiddel toch aansluiten.
De veiligste aanpak is daarom:
- schakel het arbeidsmiddel uit;
- maak het spanningsloos als dit van toepassing is;
- voorkom dat het opnieuw kan worden ingeschakeld;
- verwijder het uit de gebruiksomgeving;
- plaats het in een duidelijk herkenbare afkeur- of quarantaineruimte.
Het uitgangspunt is eenvoudig: zolang het gebrek aanwezig is, mag het arbeidsmiddel niet beschikbaar zijn voor normaal gebruik.
Stap 2: markeer het arbeidsmiddel duidelijk
Breng een duidelijke afkeurmarkering aan. Hiervoor kan een afkeuringssticker, label of kabelbinder met waarschuwing worden gebruikt.
Vermeld bij voorkeur:
- dat het arbeidsmiddel is afgekeurd;
- de datum van afkeuring;
- het registratienummer;
- de reden van afkeuring;
- de naam of identificatie van de keurmeester.
Een afkeuringssticker is vooral een praktisch waarschuwingsmiddel. De sticker vervangt het keuringsrapport of de registratie niet. In de administratie moet kunnen worden teruggevonden welk arbeidsmiddel is afgekeurd, welk gebrek is vastgesteld en welke vervolgactie nodig is.
Schrijf liever niet alleen “afgekeurd”, maar benoem ook het gebrek. Bijvoorbeeld:
Voedingskabel beschadigd bij trekontlasting. Niet gebruiken vóór reparatie en herkeuring.
Hiermee voorkomt u dat een reparateur of beheerder moet raden waarom het arbeidsmiddel is afgekeurd.
Stap 3: leg de afkeuring vast
De resultaten van een keuring moeten aantoonbaar zijn. Een keuringsrapport, digitaal registratiesysteem of apparatenregister maakt duidelijk wanneer het arbeidsmiddel is onderzocht en wat de uitkomst was. De werkgever moet desgevraagd kunnen aantonen dat de keuring is uitgevoerd.
Leg minimaal vast:
- de unieke identificatie van het arbeidsmiddel;
- merk, type en eventueel serienummer;
- de keuringsdatum;
- de uitgevoerde inspecties en metingen;
- de gemeten waarden;
- het geconstateerde gebrek;
- het resultaat: afgekeurd;
- de geadviseerde vervolgactie;
- de naam van de keurmeester.
Meetwaarden moeten bij voorkeur daadwerkelijk worden geregistreerd. Alleen de melding “niet goed” geeft weinig informatie over de aard en ernst van het gebrek.
Stap 4: informeer de verantwoordelijke persoon
De keurmeester moet de afkeuring doorgeven aan de persoon die binnen de organisatie verantwoordelijk is voor het beheer van de arbeidsmiddelen. Dat kan bijvoorbeeld een leidinggevende, werkplaatsbeheerder, preventiemedewerker, installatieverantwoordelijke of technisch beheerder zijn.
Bij een direct gevaar moet dit onmiddellijk gebeuren. Denk aan:
- aanraakbare spanning;
- ontbrekende beschermingsleiding;
- ernstig beschadigde isolatie;
- een niet-werkende noodstop;
- ontbrekende afscherming van bewegende delen;
- brand- of explosiegevaar.
Werknemers hebben daarnaast de verantwoordelijkheid om gevaren en defecten die zij tijdens het werk opmerken bij de werkgever of leidinggevende te melden.
Stap 5: bepaal wat er met het arbeidsmiddel gebeurt
Na de afkeuring zijn er in de praktijk drie mogelijkheden:
-
Het arbeidsmiddel wordt gerepareerd
Een reparatie moet worden uitgevoerd door iemand die daarvoor voldoende deskundig is. Wat voldoende deskundig is, hangt af van het arbeidsmiddel en de aard van het defect.
Het vervangen van een beschadigde stekker vraagt andere kennis dan het repareren van een veiligheidsbesturing, frequentieregelaar of industriële machine. Ook moeten de juiste onderdelen worden gebruikt. Een geïmproviseerde reparatie met tape, verkeerde connectoren of niet-passende beveiligingen is niet toegestaan.
-
Het arbeidsmiddel wordt definitief afgevoerd
Is reparatie technisch niet mogelijk of economisch niet verantwoord? Dan kan het arbeidsmiddel worden afgevoerd.
Voorkom dat een afgekeurd arbeidsmiddel alsnog uit een afvalbak of opslag wordt gehaald en opnieuw wordt gebruikt. Maak het daarom, waar dit veilig kan, onbruikbaar. Bij een elektrisch apparaat kan bijvoorbeeld de voedingskabel worden verwijderd. Houd daarbij rekening met eventuele retour-, garantie- en recyclingvoorwaarden.
-
Het arbeidsmiddel wordt nader onderzocht
Soms kan de keurmeester tijdens de normale periodieke keuring niet vaststellen waardoor een afwijkende meetwaarde wordt veroorzaakt. Het arbeidsmiddel kan dan naar een reparateur, fabrikant of specialist worden gestuurd voor nader onderzoek.
Ook in dat geval blijft het arbeidsmiddel buiten gebruik totdat duidelijk is dat het weer veilig kan worden ingezet.
Mag een medewerker het arbeidsmiddel toch even gebruiken?
Nee. Een arbeidsmiddel dat om veiligheidsredenen is afgekeurd, mag niet worden gebruikt totdat het gebrek is verholpen en de veiligheid opnieuw is vastgesteld.
Ook niet:
- omdat de klus nog snel moet worden afgemaakt;
- omdat er geen vervangend apparaat beschikbaar is;
- omdat het apparaat volgens de gebruiker “nog prima werkt”;
- omdat de beschadiging al langere tijd aanwezig is;
- omdat het maar voor enkele minuten nodig is.
Dat een machine of apparaat nog functioneert, betekent niet dat het ook veilig is. Een boormachine met een beschadigd snoer kan nog gewoon draaien, terwijl wel degelijk gevaar voor een elektrische schok bestaat.
Moet een gerepareerd arbeidsmiddel opnieuw worden gekeurd?
Na een veiligheidsrelevante reparatie moet worden gecontroleerd of het arbeidsmiddel weer veilig is. Alleen vaststellen dat het apparaat opnieuw functioneert, is onvoldoende.
De omvang van deze controle hangt af van de reparatie. Na het vervangen van een netsnoer van een klasse I-apparaat kunnen bijvoorbeeld de volgende controles nodig zijn:
- visuele inspectie;
- controle van de trekontlasting;
- meting van de weerstand van de beschermingsleiding;
- meting van de isolatieweerstand of lekstroom;
- functionele beproeving.
De herkeuring moet gericht zijn op zowel het oorspronkelijke gebrek als op eventuele nieuwe risico’s die door de reparatie kunnen zijn ontstaan.
Pas na een positief resultaat mag het arbeidsmiddel worden vrijgegeven en opnieuw in gebruik worden genomen.
Wie mag het arbeidsmiddel vrijgeven?
De vrijgave moet worden uitgevoerd door een persoon die deskundig genoeg is om te beoordelen of het arbeidsmiddel na de reparatie weer aan de veiligheidseisen voldoet.
De reparateur en de keurmeester kunnen dezelfde persoon zijn, maar dat hoeft niet. Binnen een organisatie kunnen hierover eigen afspraken gelden. Het is belangrijk dat duidelijk is:
- wie reparaties mag uitvoeren;

- wie de veiligheidsmetingen uitvoert;
- wie het arbeidsmiddel administratief vrijgeeft;
- wie een nieuwe keuringssticker aanbrengt.
Voorkom dat een reparateur zelfstandig een afkeuringssticker verwijdert zonder dat de noodzakelijke controle en metingen zijn uitgevoerd.
Verwijder de afkeurstatus pas na goedkeuring
Wanneer het arbeidsmiddel de herkeuring met goed gevolg heeft doorstaan, kan het opnieuw worden vrijgegeven.
Voer daarbij de volgende handelingen uit:
- werk het keuringsrapport of register bij;
- noteer welke reparatie is uitgevoerd;
- registreer de resultaten van de herkeuring;
- verwijder de afkeurmarkering;
- breng eventueel een nieuwe keuringssticker aan;
- plaats het arbeidsmiddel terug in gebruik.
Gebruik voor de nieuwe keuringsdatum de datum waarop het arbeidsmiddel daadwerkelijk opnieuw is goedgekeurd. Neem niet automatisch de oorspronkelijke periodieke keuringsdatum over.
Een afkeuringssticker alleen is niet genoeg
Een veelgemaakte fout is dat een afgekeurd arbeidsmiddel op de werkplek blijft liggen met alleen een rode sticker erop. Daarmee is het risico niet altijd voldoende beheerst.
Een goede afkeurprocedure bestaat daarom uit een combinatie van:
- buiten gebruik stellen;
- duidelijk markeren;
- apart opslaan;
- registreren;
- de verantwoordelijke informeren;
- repareren of afvoeren;
- na reparatie opnieuw beoordelen;
- pas daarna weer vrijgeven.
Zorg voor een duidelijke afkeurprocedure
Een vaste procedure voorkomt discussie en onveilige situaties. Leg binnen de organisatie vast wat er gebeurt wanneer een arbeidsmiddel wordt afgekeurd.
Beschrijf daarin onder andere:
- wie een arbeidsmiddel buiten gebruik stelt;
- waar afgekeurde middelen worden opgeslagen;
- wie de afkeuring ontvangt;
- wie reparaties mag uitvoeren;
- wanneer een herkeuring noodzakelijk is;
- wie het arbeidsmiddel weer mag vrijgeven;
- hoe afgevoerde arbeidsmiddelen onbruikbaar worden gemaakt.
Zorg er daarnaast voor dat medewerkers weten dat zij een afkeurmarkering nooit zelf mogen verwijderen en dat een afgekeurd arbeidsmiddel niet mag worden gebruikt.
Conclusie
Een afkeuring is geen administratieve handeling, maar een veiligheidsmaatregel. Zodra een arbeidsmiddel niet meer veilig is, moet het direct buiten gebruik worden gesteld. Markeer en registreer het gebrek, informeer de verantwoordelijke en laat het arbeidsmiddel deskundig repareren of definitief afvoeren.
Na een reparatie moet worden vastgesteld dat het arbeidsmiddel weer veilig is. Pas na een positieve herkeuring mag het opnieuw worden vrijgegeven.
Een goede afkeurprocedure voorkomt dat defecte gereedschappen en machines ongemerkt terugkeren op de werkvloer. Want ook hierbij geldt: meten is weten, maar veilig handelen na de meting is minstens zo belangrijk.
Voor cursussen omtrent Keuren Elektrisch Arbeidsmiddelen kijkt u op onze site bij de keurmeesteropleidingen.
Voor meetapparatuur, keuringsstickers en apparatentesters en software kunt u bij ons terecht, info@meetwinkel.nl of bel met 088-245 00 00.